Pedagogische ondersteuning van voetbalclubs, ook in Eindhoven!

Door Patrick van Tuijn op 18 februari 2019

Enige tijd geleden verscheen onderstaand artikel in het KNVB magazine. Een interview met Patrick van Tuijn, onze woordvoerder sport. Hij vertelt over zijn ervaringen met ‘de ketenaanpak’ bij het begeleiden van jonge voetballers die niet helemaal meekunnen in een team. Dankzij pedagogische begeleiding, dus met extra hulp, vinden zij toch hun  plek in een team en kunnen met leeftijdgenoten voetballen. Een succesvolle benadering voor kinderen en jongeren die anders aan de kant zouden staan. Na een proefperiode is er goed nieuws, deze ketenaanpak wordt nu verder uitgerold in Eindhoven en komt beschikbaar voor alle verenigingen! De gemeente Eindhoven heeft hiervoor een samenwerkingsovereenkomst getekend met Jeugdwerk van Lumens.  Patrick heeft zich hard gemaakt voor deze ontwikkeling in het amateur voetbal en wist partners uit de stad hiervoor warm te maken. Een mooi resultaat van verbindingen leggen. Gelijke kansen voor elk kind en samen een lekkere pot voetballen!

Onderstaand artikel verscheen in het boekje ‘Ketenaanpak, samen winst pakken’ (digitale magazine in artikel) kun je het hele boekje digitaal lezen. Daarin wordt onder meer uitgelegd hoe je dat aanpakt voor je eigen vereniging.

“Bij het Eindhovense RKVV Brabantia hadden ze er zo nu en dan knaapjes tussen zitten waarvan ze eigenlijk niet wisten wat ze ermee aan moesten. Voormalig jeugdvoorzitter Patrick van Tuijn diende er, met zijn medebestuurders, zelfs één, onhandelbaar inmiddels, buiten de deur te zetten. Het had hem aan het denken gezet. Dit was toch niet hoe een voetbalclub zou moeten functioneren. Een schreeuw om hulp van de club vond aanvankelijk geen gehoor, totdat zich anderhalf jaar geleden in Eindhoven alsnog een kans voordeed. Er bleek, op initiatief van de KNVB, budget voor het aanstellen van een pedagogisch coördinator. Gemeente, voetbalbond en club vonden elkaar, waardoor zich nu in stadsdeel Strijp een mooie keten heeft gevormd. Zodat Brabantia niemand meer hoeft weg te sturen. Meerdere jeugdleden hebben, dankzij de samenwerking, hun gedrag een positieve draai gegeven.

Inmiddels heeft de samenwerking tussen RKVV Brabantia, pedagogisch coördinator Bilal Achenteh, Bureau Credo en de gemeente Eindhoven navolging gekregen. Ook aan de andere kant van de stad is in Woensel – naar het voorbeeld van Brabantia – een kleine ketenaanpak, tussen voetbalvereniging Wodan en welzijnsorganisatie Cement, van de grond gekomen. Achenteh staat onder contract bij welzijnsorganisatie Lumens. Hem is gevraagd een blauwdruk te maken. ,,Zodat nog veel meer clubs én jongeren hiervan kunnen gaan profiteren.’’

Dit jaar nog is jeugdwerker Achenteh op papier vier uur per week actief voor Brabantia, in de praktijk maakt hij meer uren. Geld voor uitbreiding van zijn activiteiten is er nog niet, er moet zelfs creatief gezocht worden naar een financiële oplossing zodat hij ook in 2019 nog op het gemeentelijk sportpark in Strijp actief kan zijn. Eindhoven wil dat welzijnsorganisatie Lumens, die op basis van de Jeugdhulp-wetgeving uit de gemeentelijke kas wordt betaald, Achentehs uren vergoedt. Het geeft, zolang dat nog niet helemaal rond is, enige onzekerheid bij de club. Dat zou niet moeten. Het nut van de pedagogisch coördinator heeft zich inmiddels namelijk allang bewezen, borging is op zijn plaats.

Drie betrokkenen – Patrick van Tuijn (RKVV Brabantia), Bilal Achenteh (pedagogisch coördinator) en Hans van Bree (Eindhoven Sport) vertellen hun verhaal.

Patrick van Tuijn:

,,Vijf jaar geleden was ik jeugdvoorzitter van Brabantia, een redelijk grote voetbalvereniging, van  1400 leden, in Eindhoven. Via mijn zoon was ik, na wat jaartjes afwezigheid, weer terug in het voetbal gekomen. Het viel me op dat in de tussentijd het voetbal, of misschien moet ik wel zeggen de maatschappij, veranderd was. De druk op trainers was met name zoveel groter geworden, ze werden met tal van problemen en issues geconfronteerd. Er was bij de club bijvoorbeeld een knul die heel lang een tof kind was, maar die in korte tijd volledig ontspoorde. Het was heel moeilijk daar mee om te gaan, hij pleegde ook geweld en we moesten hem buiten de vereniging zetten.”

,,Als jeugdvoorzitter ging mij toen een lichtje branden, dat we toch de mogelijkheden hadden moeten hebben om zijn trainer, met wat pedagogische ondersteuning, te helpen. Zodat je dat kind misschien wel een duwtje in de goede richting had kunnen geven. Dan had hij lid kunnen blijven van de vereniging en was zijn sociale netwerk ook in stand gebleven. Ik heb daar toen voor rondgekeken, maar dat bleek een enorme opgave. Ook de toenmalige wethouder met wie ik erover sprak, kon me niet helpen. We hebben daarop intern iets proberen op te zetten, met hulp van een moeder die een pedagogische achtergrond had. Maar het bleef, mede vanwege de privacy, best lastig.’’

,,We wisten dus dat we het in de professionele hoek moesten zoeken. Uiteindelijk konden we, met dank ook aan de KNVB en Johan Vermeulen van Bureau Credo en de Stichting Halt, het contact met Eindhoven Sport intensiveren en bleek dat er een budgetje was voor een pilot met een pedagogisch coördinator. Daarop hebben we onder meer een Connecting Café georganiseerd, waarbij we alle potentiële ketenpartners hebben uitgenodigd. Dat was een drukbezochte avond, waardoor we snel meer mensen leerden kennen. Uiteindelijk konden we een pilot van anderhalf jaar doen, met de inzet van een wijkondersteuner van welzijnsorganisatie Lumens. Die persoon, Bilal Achenteh, had een voetbalachtergrond, heeft zelfs nog in zijn jeugd bij onze vereniging gespeeld. Hij is inmiddels vier uur per week actief op de club. Vanuit de Fontys Hogeschool zijn er bovendien een tweetal stagiairs van de minor Sportpedagogiek actief op de club. Zij assisteren en ondersteunen Bilal.’’

,,De vereniging heeft de weg naar Bilal gevonden. Eerst was het agendapunt Normen en Waarden tijdens de vergadering van het jeugdbestuur altijd het zwaarste onderwerp, dat nam altijd veel tijd in beslag. Nu merk je duidelijk dat Bilals inzet een ontlasting voor bestuur en commissieleden, maar uiteindelijk ook voor de trainers, geeft.’’

,,Tegenwoordig kunnen we mogelijke probleemgevallen veel eerder signaleren. Bilal is met die kinderen aan de slag gegaan. Hij heeft gesprekken met ze gevoerd en, in voorkomende gevallen, ook met het gezin, betrokken hulpverleningsinstanties of de school. Mede daardoor is er wederzijds begrip ontstaan, kennen we nu de problematiek van een aantal kinderen, en hebben we ze niet weg hoeven sturen.’’

,,De uitdaging is nu om budget te vinden, misschien zelfs wel voor uitbreiding van het aantal uren. We willen hier continuïteit in brengen, er beleid van maken. Er zijn al de nodige succesverhalen, de resultaten zijn goed. Alle partners zijn ervan overtuigd geraakt dat dit van toegevoegde waarde is voor onze vereniging, voor de vrijwilligers én jeugdleden in het bijzonder. Vrijwilligers willen natuurlijk heus wel een team trainen, maar hebben geen zin in al te grote problematiek. Die kunnen we nu ontzorgen. En, hoe mooi zou het zijn als we onze pedagogisch coördinator met andere verenigingen zouden kunnen delen. Want die verenigingen, voetbalclubs én andere sportverenigingen, staan natuurlijk voor dezelfde problemen als wij.’’

,,De gemeente Eindhoven heeft echter wel een WMO-tekort, ik voel aan mijn water dat het moeilijk wordt om daar (extra) budget los te peuteren. Ondertussen hebben we ook contact met het Jeugdsportfonds en de Stichting Leergeld. In hun opdracht is er geen ondersteuning mogelijk van onze plannen, maar we hopen nog wel cofinanciering en co-creatie te bereiken. Omdat het simpelweg veiliger is dan financiering uit één potje.’’

,,Het is, tot slot, sowieso te hopen dat we ook in Eindhoven ontschotting gaan zien en dat het sociaal domein de kracht van sport gaat zien. En sport dus ook als middel gaat inzetten. Daar is een cultuuromslag voor nodig, het is ook in deze een hele opgave de juiste mensen aan tafel te krijgen.’’

Bilal Achenteh:

,,Ik sta, vanzelfsprekend, volledig achter de ketenaanpak. Een integrale samenwerking is enorm effectief, ik denk dat iedereen daar profijt van heeft. In mijn rol als pedagogisch coördinator bij Brabantia ben ik nu min of meer de spin in het web. Ik heb contact met diverse sociale partners in de wijk, de wijkagent, maar bijvoorbeeld ook Wij Eindhoven, een instelling die bij gezinnen achter de deur komt en eventueel tweedelijns zorg kan inschakelen. Overigens ben ik ook jeugdwerker in de wijk, dus een heleboel contacten kan ik net even wat makkelijker leggen, of ken ik al uit hoofde van mijn andere functie.’’

,,Op de eerste bijeenkomst waar de sociale partners bij elkaar kwamen en in kaart gebracht werd hoe de problemen bij Brabantia konden worden getackeld, werd ook het functieprofiel voor een pedagogisch coördinator opgesteld. Toen dat zo’n beetje klaar was, duidelijk was dat er gezocht werd naar een sportminded iemand met een agogische achtergrond, keek iedereen naar mij. Ik wilde het ook graag, maar mijn takenpakket bij Lumens zat al zo goed als vol. Daarop is er wat geschoven en zijn er uren vrijgemaakt. Ik heb er nu vier uur in de week voor.’’

,,Dat is natuurlijk eigenlijk te gek voor woorden. In de praktijk komt daar wel een uur of tien bij. Ik pak bij Brabantia diverse individuele cases zelf op. Maar als verbinder leg ik ook diverse lijntjes. Mijn werk is heel divers. Binnen de vereniging zijn bijvoorbeeld diverse jongeren met gedragsstoornissen, zoals ADHD, ADD en ODD. Ik help de goedwillende vrijwilligers aan de informatie hoe ze met deze kinderen om moeten gaan. Brabantia is bovendien een multiculturele vereniging, ook op dat vlak kan ik trainers bijpraten of organiseren we, met medewerking van specialisten, themabijeenkomsten. Want het is geen luxe om een trainer uit te leggen hoe hij om moet gaan met een elftal waarin zeven verschillende nationaliteiten zitten.’’

,,Ik ben nu bezig met een blauwdruk. Dat is, met al mijn drukke werkzaamheden, nog niet zo makkelijk. Maar ik maak in grote lijnen een beschrijving van het werk hier, zodat andere verenigingen in Eindhoven ook kunnen zien wat ze met de aanstelling van een pedagogisch coördinator kunnen bereiken. Wie doet wat? Waar moet een vereniging aan voldoen? Op al die vragen zal die blauwdruk een antwoord geven.’’

,,Ik heb zelf ook een voetbalachtergrond, maar ik heb als lid nooit in de gaten gehad dat de functie zoals ik die nu bekleed eigenlijk gewoon een must is. Feitelijk zou iedere sportvereniging iemand moeten hebben die zich hier voor een aantal uur per week mee bezighoudt. Het geeft zoveel meerwaarde, betekent een ontlasting richting de trainers, coaches en trainerscoördinatoren. Maar is ook voor leden onontbeerlijk. Je kunt gewoon de juiste hulp op sociaal en pedagogisch vlak bieden.’’

,,Ik denk dat ik inmiddels tussen de tien en twaalf jongeren voor erger heb weten te behoeden. Ik durf niet te stellen dat ze anders met de politie in aanraking waren gekomen, maar dan hadden ze in ieder geval sowieso niet meer bij de vereniging gezeten omdat ze vanwege overschrijding van de normen en waarden niet te handhaven waren geweest. Je ontneemt ze daarmee een stukje dagbesteding, met alle risico’s van dien.’’

,,Vroegsignaleren is natuurlijk het grote geheim. Dan kun je niet alleen de-escaleren, maar zelfs preventief te werk gaan. Daar moet je echter wel mankracht voor hebben. Ik heb daar een oplossing voor gevonden, door een tweetal stagiairs van Fontys Hogeschool in te schakelen. Zij doen de minor Pedagogiek in de Sport en zijn op een aantal vlakken mijn ogen, oren, handen en voeten. Zo kun je veel dingen voor zijn.’’

,,Hoe het er volgend jaar uit gaat zien, als de pilot voorbij is, is nog onderwerp van gesprek. De Lumens Groep ziet de meerwaarde van mijn inzet, ook voor de wijk, maar vindt wel dat ze zich niet als enige financieel hiervoor kan inzetten. Anderen zullen ook een financiële bijdrage moeten leveren, zodat een en ander gewaarborgd kan worden. Ik hoop sowieso dat deze functie niet verloren gaat, daarvoor is het werk te waardevol.’’

Hans van Bree:

,,Eindhoven Sport is het sportbedrijf van de gemeente Eindhoven en daarmee onderdeel van de gemeente zelf. Ik ben unitleider sportparken en activering en werk bij de wat meer complexe trajecten nauw samen met mijn collega John Heijster, die het account voetbal beheert. We kennen in Eindhoven het voorzittersoverleg, waarin we als Eindhoven Sport met de verschillende voetbalverenigingen praten over de ontwikkelingen, bij de clubs en de gemeente. Daarbij gaat het er vaak over hoe we deze sporttak gezond kunnen houden. In dat overleg heeft Johan Vermeulen van Bureau Credo, het zal nu iets meer dan twee jaar geleden zijn, de ketenaanpak eens uitgelegd. Brabantia heeft zich bij die gelegenheid aangemeld om er als pilotvereniging mee aan de slag te gaan. De club had problemen met een aantal leden en zag wel de toegevoegde waarde van de aanpak.’’

,,Als gemeente willen wij, nu we bezig zijn met de sociaal maatschappelijke transitie, clubs meehelpen om moeilijke jongeren binnen de poort te houden. Omdat we zien dat ze daar een sociaal vangnet hebben. Brabantia wilde dat ook graag, mits de club kon rekenen op professionele ondersteuning. We hebben die ondersteuning geboden door de functie van de jongerenwerker die in de buurt werkt een aantal uren op te plussen en hem die uren specifiek bij Brabantia te laten maken.’’

,,Voetbalvereniging Wodan en welzijnsorganisatie Bureau Cement werken in stadsdeel Woensel, naar voorbeeld van Brabantia, ook al samen. Het wordt door Cement al in de opdracht meegenomen. Als gemeente hebben we ook de ambitie dat we meerdere verenigingen op deze manier gaan helpen, omdat we zien dat het aantoonbaar effect heeft gesorteerd bij Brabantia. Het gaat richting een bewezen interventie. Maar als je dit wilt uitrollen over de hele stad krijg je toch echt te maken met de limiet van de beschikbare middelen.’’

,,Wij hebben het gevoel dat Lumens ook de toegevoegde waarde ziet. Onze wens is dat de inzet van een pedagogisch coördinator bij de voetbalclub gaat behoren bij de standaarddienstverlening van de Lumens Groep, zodat de gemeente extra uren niet hoeft te financieren.’’

,,Wat we andere gemeenten willen meegeven? Nou, dat dit een methode is die werkt. Maar je zult, als je dit meer wilt laten zijn dan een plan op papier, daar dan wel inzet op moeten plegen. Naarmate die inzet van meer toegevoegde waarde is, is het effect ook groter. Gemeenten hebben natuurlijk ook nog de mogelijkheid om de Buurtsportcoach-regeling, waarvan in het laatste Sportakkoord duidelijk werd dat deze wordt uitgebreid, in te zetten op dit thema. Vanzelfsprekend heeft iedere gemeente zijn eigen werkwijze, maar ik denk dat de blauwdruk die nu bij Brabantia wordt gemaakt, in principe toepasbaar is voor elke gemeente.’’

,,Overigens, en dat is wel belangrijk om te melden, valt en staat het succes van de ketenaanpak natuurlijk ook bij de personele invulling. We zijn mede aan de slag gegaan bij Brabantia omdat daar, in de wijk, een jongerenwerker actief was die én affiniteit met voetbal had en daardoor ook autoriteit had. Bilal en Brabantia passen bij elkaar. Dat draagt natuurlijk wel bij aan de effectiviteit van zijn aanpak. Zet je daar iemand neer die niks met voetbal heeft, dan is het maar de vraag of het werkt.’’

,,Hoe de toekomst er over pakweg twee jaar uitziet? We hopen, en dat is ook onze ambitie, dat we de situatie bij Brabantia hebben kunnen bestendigen en dat we de ketenaanpak bij meerdere verenigingen in Eindhoven hebben kunnen uitrollen.’’

,,Ook hopen we dat tegen die tijd het sociaal domein de sportvereniging ook is gaan zien als een maatschappelijke organisatie die als partij kan bijdragen aan de oplossing van de problematiek. Wij moeten nu de nodige moeite doen om het sociaal domein ervan te overtuigen dat dit een verstandige aanpak is. Het sociaal domein bekijkt sport als middel nog altijd met de nodige scepsis. En dat terwijl de sportomgeving – als je bereidt bent de vereniging professioneel te ondersteunen –  écht een plek is waar je dit soort problemen serieus kunt oppakken.’’

 

 

Patrick van Tuijn

Patrick van Tuijn

Vanuit mijn functie als voorzitter van een voetbalvereniging ben ik bekend geraakt met de lokale politiek. Ik heb destijds gemerkt dat je als volksvertegenwoordiger wel degelijk een verschil kan maken . Heb mij verder verdiept in het raadswerk en ben tot de conclusie gekomen dat dit een mooie manier is om iets te betekenen voor

Meer over Patrick van Tuijn